
De volgende patiëntsituatie werd geschreven ter illustratie van het effect dat hepatitis C op iemand kan hebben. In tegenstelling tot de getuigenissen van Nathalie en Luc werd dit niet geschreven door iemand met hepatitis C die zijn eigen verhaal vertelt. Er werd ook aanvullende feitelijke informatie toegevoegd, in de vorm van artsennotities. Deze verhalen kunnen meer of minder representatief zijn voor de totale populatie met HCV, en vertegenwoordigen niet noodzakelijk het advies van Janssen-Cilag. We hopen dat u iets heeft aan deze illustratie van wat iemand met hepatitis C kan meemaken.
Mijn vriendin en ik zijn ongeveer 30 jaar in nauw contact met elkaar geweest. Enige tijd geleden werd ze echter zeer afstandelijk en belde ze me niet meer terug.
Uiteindelijk ging ik haar eens opzoeken en drong erop aan dat ze me zou vertellen wat er mis was. Toen ze me vertelde dat ze hepatitis C had, kwam dit hard aan. Ze had een maand geleden voor het eerst bloed gegeven. Haar bloed werd toen getest, en er werden antilichamen voor het hepatitis C-virus in gevonden. Kort daarop werd haar door een andere test bevestigd dat ze hepatitis C had.
Antilichamen of antistoffen zijn eiwitten van het immuunsysteem. Uw lichaam maakt deze aan als onderdeel van de afweer tegen infectie. Ze helpen bij de vernietiging van ‘vreemde’ moleculen, zoals die van het hepatitis C-virus. Antilichamen of antistoffen die specifiek gericht zijn tegen het hepatitis C-virus, worden alleen aangemaakt wanneer het hepatitis C-virus aanwezig is. Als deze dus in uw bloed gevonden worden, betekent dit dat u op een bepaald tijdstip in contact geweest bent met het hepatitis C-virus. De aanwezigheid van antilichamen betekent echter niet noodzakelijk dat u het virus nog steeds in uw bloed hebt.
Een extra test, de polymeraseketenreactie (PCR voor polymerase chain reaction), kan de aanwezigheid bevestigen van genetisch materiaal (RNA) van het virus.
De arts vertelde haar dat het virus doorgegeven wordt wanneer bloed van een geïnfecteerde persoon in contact komt met bloed van iemand anders. Hij moest uitzoeken wanneer ze besmet was geweest, om te weten hoelang ze de aandoening al had. Bij het doorlopen van de risicofactoren voor hepatitis C, dacht hij dat ze waarschijnlijk een paar jaar geleden besmet was met het virus, toen ze met 20 jaar een tatoeage liet plaatsen.
Het is mogelijk om hepatitis C te hebben zonder dat u dat weet. U hoeft geen symptomen te hebben om besmet te zijn of het virus te verspreiden.
In ongeveer 10% van de gevallen weet een persoon niet hoe hij besmet is geraakt met het hepatitis C-virus. Het is echter belangrijk om de meest voorkomende oorzaken van besmetting te kennen om u te helpen beslissen of u risico loopt.
Het hepatitis C-virus verspreidt zich door rechtstreeks contact tussen besmet bloed en bloed of weefsel van een niet-besmette persoon.
Nadat mijn vriendin me verteld had wat ze wist over de aandoening, was ik er zeker van dat ik ook getest moest worden. Dagenlang kon ik aan niets anders denken. Ik maakte een afspraak met mijn arts, en met spanning leefde ik naar die dag toe. Ik was zo bang en had zoveel vragen waarop ik antwoorden zocht
De enige manier om zeker te weten of u hepatitis C hebt, is om het te laten testen. Als u enige reden hebt om te vermoeden dat u risico loopt op hepatitis C, dan u moet u zich laten testen – over het algemeen gaat dat heel makkelijk.
Als u denkt dat u risico loopt, moet u uw arts zo snel mogelijk raadplegen om een bloedtest te vragen. De arts kan dan de noodzakelijk tests laten doen en u alle mogelijke andere informatie verstrekken die u wenst.
.
De test werd nu pas uitgevoerd en was heel simpel. Ze hebben gewoon wat bloed afgenomen en naar het laboratorium gestuurd voor analyse. Ik moet een paar dagen wachten op de resultaten. Eerlijk gezegd ben ik doodsbang, maar ik weet dat het beter is om zekerheid te krijgen. Als ik dan ook hepatitis C heb, kan ik beginnen met ervoor te zorgen dat ik geen andere mensen besmet, vooral degenen die mij lief zijn, en dan kan ik misschien ook beginnen te denken over de behandeling.
De meest betrouwbare manier om te weten of iemand ooit besmet is met het hepatitis C-virus, is om het bloed te testen op antilichamen tegen het virus. Het lichaam heeft gemiddeld 7-8 weken nodig om deze antilichamen te produceren, maar het kan ook langer duren; als de besmetting mogelijk van recente datum is en als de antilichaamtest negatief is, moet de test binnen 6 maanden herhaald worden.
Als de antilichaamtest positief is, betekent dit dat de persoon blootgesteld is aan het hepatitis C-virus en dat er nog een test nodig is om te zien of het virus nog aanwezig is (omdat 10-30% van de mensen dit spontaan elimineren). De arts kan ook andere tests voorstellen, om uit te zoeken hoe groot de schade aan de lever is.